Alissa Dit voorjaar zwaaiden in Kleine Brogel kinderen van De Puzzle met toverstokjes, ook lieten ze koude sterretjes neerdalen op het kistje van hun Alissa, zo geknakt uit een wreed autowrak gehakt. Vader en moeder en broertje lagen nog buiten bewustzijn te slapen, toen door de hoofdstraat een oeroud verdriet trok. Dubbel verweesd… Lees verder Alissa
Categorie: Gedichten
Loflied op Renée
Loflied op Renée Op een vloer die voelt als koper teken jij beweging tot vloeibare beleving uit. Op de maat van fijn ingeslepen ritmen dansen kinderen, broos en haast doorzichtig, naar hun graad van tederheid en parel zijn en wanneer zij als glimmende elfen naar jouw hand een rozenblad weven, draait een werveling, een… Lees verder Loflied op Renée
Bianca
Bianca Hij is van negentien veertien ontdekt haar kinderziel in hymnisch fijngevoelen. Hier leest het voeteneind als opsporingsbericht. Ze is van Wessem, loopt één maand stage. Men ziet meteen de loopgraven afgekant met vluchtig hout, een weggeschoten neus of mond, modderbloed en veel later in verlaten straten stramme kreupelgangers om een aalmoes gaan.… Lees verder Bianca
Genadebrood
Genadebrood April. Merels, mussen, meeuwen zomen meanderend het luchtruim af, paardenbloemen blazen al de eerste zaadpluimen in de rondte. Op wiegend fluitekruid slaapt een pyjamawants. Een boomgaard van bloesem vergeven. Ik word tachtig en weet niet onder welke dakpan het neuroarchief van mijn weemoed ligt opgeslagen: hoe het was en wie ik ben. Een… Lees verder Genadebrood
Ballade van de smokkelaarster
Na zijn dood trof ik in de papieren van mijn vader het volgende gedicht aan Ballade van een smokkelaarster Lieske was een voortvarend meiske, Op Belse francsjes zeer belust. Daarom besloot ze tot een reiske, Naar de grens, in haar hart toch niet gerust. De bedoeling van het lief madammeke Stond bij haar te… Lees verder Ballade van de smokkelaarster
Blyde Incomste
Blyde Incomste Voorjaar 1451, een Blyde Incomste van syn doorluchtighste Hoogheyt Graaf Jacob van Horne en Johanna van Meurs Boeren, burgers, lorrendraaiers, luistert, ook gij, wevers, schaliedekkers, magistraten, vandaag staan de stadspoorten wagenwijd open, het is feest in vrijheyde Overweert, uit straten, pleinen en stegen stijgt de geur op van braadvlees en boekweitbrood, Graad de… Lees verder Blyde Incomste
Spelvreugde
Zondagmorgen. Elf uur. Oda’s ’ senioren treden aan om de oude glorie van Tungelroy te belagen. Een kransje kaalpracht in het haar, aangelengde buiken, doch nog voldoende poeier in de benen. Ik sta aan het tuinhek- mijn support reikt niet verder dan oud papier – en hoor de roofbouw op gewrichten, de treurnis om een… Lees verder Spelvreugde
De haarvaten van de wrok
Aan zijn ziel kleeft het bloed van pasgeboren baby’s, een eeuwig durend merkteken, op zijn conduitestaat prijken de ruïnes van Grozny, Aleppo en nu Marioepol, de patriarch van Moskou noemt hem een Godsgeschenk Onder opgeblazen wijken een geknakte roos, een bebloede knuffel, de vergeefse greep van een moederhand, afgedekt met een geroepen laken, matroesjka’s liggen… Lees verder De haarvaten van de wrok
Annex, een soort mythe
Ooit dreef ik achter een rij van kruis-gekalkte bomen Galerie Het Gulzige Doek, waar beelden ongetemd hun intrek namen. Men was weerbarstig, beloofde veel, de wanden schuwden de satire niet. Geliefden bloeiden welig, speelden kunst en tuin en honger naar. Lange tijd meanderde men weg van deze bronnen, men golft en bridget en laat zich… Lees verder Annex, een soort mythe
Ballet, een loflied op Renée
Op een vloer die voelt als koper teken jij beweging tot vloeibare beleving uit. Op de maat van fijn ingeslepen ritmen, dansen kinderen, broos en haast doorzichtig, naar hun graad van tederheid en parel zijn en wanneer zij als glimmende elfen naar jouw hand een rozenblad weven, draait een werveling, een tweede vonk, hun afgelijnde… Lees verder Ballet, een loflied op Renée