Vandaag dartel ik door de Beekstraat naar het centrum. Nooit was mijn liefde voor de stad zo groot. Daarbij blijven alle andere geliefden voor even in de schaduw. Het feestprogramma ‘Weert 600 jaar Stad’ is uit. Het jubelt en juicht in mij in duizend tinten, ondanks de staat van het plaveisel, dat in amper twintig… Lees verder Weert 600 jaar
Categorie: Gedichten
Het Zonnehuis*
Zij heeft hem naar de stad gebracht duwend
door winkelstraten die een uitgeteerde indruk
laten. Haar dienstreis gaat op engelendraad.
Zij is bedreven in meebeleven, wat zijn mond
mummelt woordgruis vertaalt ze met haar hart,
ontkent gericht de wildgroei van zijn spasmen.
Er valt een lied van vlokken uit de schrale hemel,
mensen zeulen kaas, makreel, zichzelf in sneeuw.
Vrouwen grauwen met meeldauw in oude hoofden.
Nu duwt zij de rolstoel onder het kerkportaal
waar ze ooit gebreken aan vererfde zonden
weten, hij glimlacht om zoveel vlokken vrolijk.
Bij het Angelus wentelt hij in ‘n reflex zijn lijf,
door het loden lot gevangen, naar de balsem
van haar stem. Zij knikken een klein geluk.
*
https://www.psw.nl/location/activiteitencentrum-t-zonnehuis/
Achter de ramen
In het violette schijnsel van een vitrine bespeelt Miranda van passanten het uitzoekerig schatten, het oogwit geschaduwd door gitzwarte wimpers. Gambaheupen dansende pracht van tinkelborsten, lichtval op een baldadig broekje verraadt pikant een donker floraboekje. Achter het gordijn de doortrapte opgang naar het oord van verkapte prikkels, de suikerwaar voor beurscyclopen en magistraten, uitlopers van… Lees verder Achter de ramen