Mij raakten in dit oord, door de Muzen vergeten, geen zee van klaprozen, geen ster aan de hemel, totdat Crescentia in de schaduw van gindse bomen haar roomzachte dijen openvouwde en mij, door heimwee gekweld, als terloops naar de warmte stuurde van haar gulden schede en tuchteloos opkroop naar mijn tong. Ik ben geen stoïcijn.… Lees verder Romeinse brug Tungelroy